Caliu is local-first: je notities staan op je apparaat, en de cloud is een back-up, nooit een knelpunt. Dat bepaalt hoe synchronisatie werkt.
Eerst lokaal, dan synchroniseren
Als je typt, wordt de wijziging meteen op je apparaat opgeslagen. Er is geen opslaanknop en geen laadcirkel; de schrijfactie is klaar voordat de synchronisatie zelfs begint. Synchroniseren gebeurt daarna, op de achtergrond, wanneer je verbinding hebt.
Elk apparaat houdt zijn eigen wachtrij
Elk apparaat houdt een wachtrij bij van de wijzigingen die je erop maakt. Op de achtergrond pusht Caliu die wachtrij in batches naar de server en haalt het op wat er op je andere apparaten is veranderd. De server houdt een logboek van wijzigingen bij, zodat elk apparaat alleen ophaalt wat het nog niet heeft gezien.
De web-app synchroniseert ongeveer elke 20 seconden terwijl je werkt, en meteen wanneer je terugkeert naar het tabblad of weer online komt. De iPhone-, iPad- en Mac-apps synchroniseren op dezelfde manier op de achtergrond.
Toekijken hoe het gebeurt
De synchronisatie-indicator in de zijbalk toont de huidige status: gesynchroniseerd, wijzigingen in behandeling, aan het synchroniseren of offline. Je hoeft nooit handmatig een synchronisatie te starten.
Als dezelfde notitie op twee apparaten wordt bewerkt voordat een van beide kon synchroniseren, vraagt Caliu welke versie je wilt behouden. Zie het artikel over conflicten.